Itisy gaat zijn op de Noordpool terecht gekomen pakket met geweldige strijder Lente Colori Inviari ophalen

Na vele omzwervingen tussen hier daar en zeker een aantal uren omhangen voer ik opeens in een Deense kant noch walvis vaarder naar de Noordpool. De kapitein van dat schip Ahab Tomassen was op zoek naar de grote witte zwemmer Moby Cock. De man had gewoon teveel tijd, te weinig om handen en was verslaafd aan de golven op zee. De andere bemanningsleden waren net zo. Ze moesten van de staat kost verdienen en Kant noch Walvis jacht is een manier. Om half drie kwam ik aan bij de Noordpool ondervaarweg hadden we van Moby Cock niks vernomen. De tijd brachten we door met dek schrobben, kijken naar Deense porno klassiekers, Gemene Best voetbal première league en grappen maken over IJslanders.

Ik werd in een Canadese Kajak of Kaneau overboord gezet en peddelde met mijn ene riem richting Noordpool land naar de pinguïns op zoek naar de Inwendige Demonen en Brij bestrijder Lente Colori Inviari. Om aan de strijdlustige pinguïns te ontkomen droeg ik een tuxedo met rode flippers. Nabij het vaste land sprong ik met een elegante hup bijna meteen aan land. Ik ben helaas niet zo vaardig als een pinguïn. Na een kort stukje zwemmen botste ik op de juiste rotsen en kroop gekneust en wel aan wal. Ik liep in het verlengde van de waggelende vogel file, probeerde deze boze zwart witte vogels te ontlopen meestal met succes maar soms moest ik knokken tegen de vogels en altijd tegen de elementen. Dat is echt een naar zootje.

Ik moest een omweg maken. Een aantal spekgladde rotsen versperden het wandelpad naast de waggel snelweg. Ik sloeg rechts af en weer links en botste pardoes tegen drie enorm grote keizerspinguïns aan. Ze waren niet erg blij met mij, door de aanvaring had ik de kleurrijke veertjes op de smalle kopjes in de war gemaakt. Niks is vervelender voor deze vogels. Eentje kakelde me toe 'Wat kom je hier doen rare Vlerk, vreemde vogel! Kijk nou wat je met de veertjes van Jan en Piet Keizerspinguïn hebt gedaan.' Ik vroeg met mijn Hoe & Wat in het Pinguïns-app 'Kunt u mij vertellen waar het Noorderstation is?' De grote vogels keken mij aan en elkaar en haalden toen hun korte zijvleugels op, Jan of Piet zei 'Nero jongen dit is weer zo'n suffe domme toerist uit het Westen hier hoeven we niet meer op in te pikken deze komt wel om van de honger'. De andere twee gooiden hun kop omhoog ze lachten mij uit en de drie waggelden uit zicht. Ik was allang blij dat het niet nodig was om gebruik te maken van mijn stoomcursus Orca vecht technieken. Na dit nare en tot voorzichtigheid manende incident trok ik weer verder op zoek naar het Lente pakketje per abuis door de schone Gwyneth hier heen gestuurd.

Waarschijnlijk moest ik haar bevrijden uit handen van deze gestoorde en gemene zwart met witte vogels. Na 4 uur wandelen werd het vreselijk onrustig op de waggel route, ik klom uit nieuwsgierigheid op een rots voor een blik op de kudde. De reden voor al die herrie was meteen duidelijk. Een flink deel van de pinguïns was niet meer zwart en wit maar zwart met alle kleuren van de regenboog. Lente Colori Inviari was de beestjes aan het inkleuren. Ik begreep dat ik Lente niet moest bevrijden van de pinguïns maar juist andersom. Het leek hier wel een bollenveld of een regenwoud zelfs de sneeuw was niet meer vele schakeringen wit. Dit gedoe zou de Noordpool weer geen goed doen. Eerst olie en nu dit. Houdt het dan nooit op!

De verwarde en opgekleurde vogel kolonie had geen oog voor nog een mens, werd ik al opgemerkt liepen ze met een grote boog om mij heen. Ik kon zonder slag of stoot naar Lente Inviari wandelen via de makkelijkste route, de door gewaggel en buikschuiven plat en glad geërodeerde pinguïn snelweg. Binnen anderhalf uur kwam ik bij mijn prachtige pakketje aan. Ze was druk bezig met inkleuren en traumatiseren van een vijftal vogels. De beestjes lagen op de rug, witte kant boven, steen op iedere vleugel en Lente maakte alles wat wit is groen, oranje, geel, rood, blauw (licht), oker, vele pasteltinten, ik vond het mooi maar ongeschikt voor de soort. Het zijn geen papegaaien.

Lente wou net een kwast leeg strijken op een witte buik toen ze mij zag. Ze liet meteen de kwast vallen en gaf me een innige omhelsing en daarna een klap op mijn wang en zei 'Waar was je nou, dat goudlokje zei dat je hier woont maar ik vond hier alleen maar heel veel werk, en steeds meer, kijk nou daar staan nog duizenden lege buikjes!' Ik zag allemaal sidderende pinguïns en begreep dat we meteen weg moesten. Die vogels rilden weliswaar van angst maar stonden wel op het punt om Lente Colori en mij te vermorzelen. Ik zei 'Ach Lente, ik had Gwyneth Plumeau, het goudlokje niet goed ingelicht, mijn instructies waren te ingewikkeld. Maar goed. Ik ben er nu, ik woon hier niet en dit zijn dus ook niet mijn wandelende canvasjes, ik ben bang dat je werk een beetje tegen hun natuur ingaat. Weet je, we moeten gelijk gaan. Haal die gewichten van die vleugels en dat touw van hun nekkies, we laten ze los ook al zijn ze half af.' Lente keek een beetje gepikeerd en zei bits 'Denk je dat ze het niet mooi vinden of zo!' Ik zei daarop terwijl de vijf vrije vogels ontzettend snel weg waggelden, eentje vloog zelfs even, dat het allemaal even mooi en prachtig was maar een beetje hun tijd vooruit, deze vogels moet je langzaam inkleuren, niet allemaal in één keer, ik greep een palet, een kwast en de rolkoffer en vervolgens duwde ik Lente Inviari de overige kwasten en tubes in handen en zo liepen we door de massa vogels heen richting zee. Alle boze pinguïns buikschoven opzij uit angst voor de natte verfkwast.

Lente Colori Inviari sprak weinig onderweg ze was nog een beetje boos op die ondankbare pinguïns en door het overhaaste vertrek. Ze had nog foto's willen maken. Aangekomen bij de kust moest ik nog vervoer regelen gelukkig kwam net op dat moment een hele grote witte vis langs zwemmen met een Deense boot daar achteraan. De vis was totaal niet onder de indruk van de capriolen van kapitein Ahab Tomassen en wist eenvoudig te ontkomen door een duikje onder een ijsberg van 40 kilometer lang en breed. Lente keek verrukt naar zo'n groot wit oppervlak. De Deense boot zag mij staan zwaaien en ze pikten ons op. Met een vrouw aan mijn zij verbeterden ze hun haal en breng service. De kapitein deed nog een uur zijn best om Moby Cock weer te traceren maar vond niks alleen een vruchteloos kwakje drijvend op de golven in de natte zee. Na deze zoveelste zinloze jacht van het Kant noch Walvis schip, ze voeren al dertig jaren op zee en nog nooit hadden ze een Kant noch Walvis gevongen, voeren we terug naar Deense wateren. Voor ons gemak voerden ze langs de waddeneilanden en net voor de kust gingen wij tweeën van boord en dreven rustig naar Schiermonnikoog in een container vol pluche zeehondjes. Vanaf veerhaven Lauwersoog is het maar een klein stukkie naar Zuidhorn en anderhalf uur na aanvang van dit stuk zaten we daar aan de koffie niet uit Ethiopië maar gelukkig ook niet uit Denemarken, die is erg vies naar het schijnt. Gwyneth was een beetje stil maar fleurde op na het zien van de foto's die ik wel had gemaakt van alle zwart witte en door Lente Colori vrolijk geverfde pinguïns.

Zo bijna vijf uur, het is niet dat ik al naar bed ga of wil maar meer schrijf ik gewoon niet (af), de rest komt later wel trusten